maandag 20 november 2017

De Vreugde van het Bemoedigen



Wat is bemoediging toch een kostbaar geschenk. Ik denk terug aan momenten waarop het juiste woord op de juiste tijd het instrument was waardoor in moeilijke periodes in mijn leven, mij een nieuw perspectief, nieuwe moed en hoop werd ingeblazen – zelfs als ik dat bemoedigende woord nou niet bepaald verdiend had.

Ik vind het zo mooi hoe in The Message  Filippenzen 4:5 wordt samengevat:

“Maak aan allen die je ontmoet zo duidelijk mogelijk dat je naast hen staat, dat je met  “
hen bezig bent en niet tegen hen.”

Dat is een hele opgave, vind je niet?

Want hoe moet het dan, als we op een gegeven moment niet dezelfde zienswijze hebben met een ander? Of als we geen zin hebben om verder te gaan met iemand nadat we beschadigd zijn of een meningsverschil hebben?

In Filippenzen 4:1-5 vermaant Paulus de hele gemeente (en ons) met zo’n echt Paulusachtig antwoord, waarvan de kern is: “Meiden, het is tijd om de verschillen achter je te laten en verder te gaan! Jezus komt spoedig.  Laat de mensen zien dat je boven de verschillen kunt uitstijgen en ga weer aan het werk voor het Koninkrijk, waartoe je geroepen bent.

De reden waarom wij moeten leren eensgezind te zijn is dat we alleen zó het volle effect hebben wanneer we het evangelie van Christus delen met de wereld om ons heen.

De mensen zien ons, en zij kijken of wat wij belijden ook klopt met wat wij doen.

Ik weet zeker dat het gek overkomt (en ook schijnheilig) in de ogen van mensen als zij zien hoe gauw Christenen geneigd zijn tot twisten,  kritiseren, partijvorming, de spot drijven, of zelfs medebroeders en zusters in Christus labelen als ketters, terwijl ze claimen dat ze wandelen in de liefde van God. Hoe kunnen we verwachten dat ook maar iemand geneigd zou zijn om deel te worden van een dergelijke geloofsgemeenschap?

Het verzwakt onze effectiviteit, en daarom wilde Paulus ons eraan herinneren hoeveel kracht er vanuit gaat als broeders en zusters in eenheid samenwonen (Psalm133:1). We kunnen het ons niet permitteren dat onenigheid of twistpunten ons voortdurend verdelen. Dat betekent niet dat wij zonden door de vingers zien, of een voetveeg voor anderen worden, of de bijbelse tucht – op de juiste tijd en wijze – zouden nalaten. Maar uiteindelijk, als we beseffen dat wij in Jezus Christus dezelfde geest hebben, moet dat bij ons de wens oproepen om te stoppen met onderlinge strijd, en te onderkennen wie de werkelijke vijand is – de duivel – die bezig is ons te ontmoedigen om in ons leven Gods werk te doen.  

Laten we niet naar elkaar kijken als concurrent, of als probleem, of zelfs als “dat rare mens”
maar als lid van hetzelfde team, met alle onderlinge verschillen die er zijn.

Laten wij mensen beseffen dat,  als we stimuleren, ruimte maken, bemoedigen en een beroep doen op de gaven en roeping in elkaars  leven, de gemeenschap van vrouwen (en mannen) op aarde in staat zal zijn om te functioneren en te bloeien zoals God het bedoeld heeft.

Dat zal ons geloofsgetuigenis zoveel te meer uitnodigend en effectief maken naar de wereld om ons heen.

God weet zelf heel goed hoe Hij moet handelen met degenen die correctie nodig hebben, en in de meeste gevallen vraagt Hij niet aan ons om gebreken en tekortkomingen van anderen aan te wijzen. Als wij de Heilige Geest zijn werk laten doen in iemands leven, en in ons eigen hart blijven streven om te groeien in vriendelijkheid, verdraagzaamheid, barmhartigheid, vergevingsgezindheid, en bemoediging, dan zullen we verbaasd staan hoe Hij de dingen kan laten samenwerken ten goede voor ons en tot Zijn heerlijkheid.

Onderschat niet hoe een woord van bemoediging, op het juiste moment gesproken,  hoop, genade en moed kan geven aan iemand die misschien ergens mee worstelt waar jij geen weet van hebt.

Er zijn massa’s mensen die erg vlot zijn in het aanwijzen van wat er mis is met anderen, maar wij hebben mensen nodig die juist vlot zijn in het aanwijzen van de goede dingen in het leven en in andere mensen, de dingen van God.

Wij zijn echt samen op deze reis in het geloof. WE kunnen verschillen van mening of inzicht, maar wij staan aan dezelfde kant. Uiteindelijk heeft niemand van ons het volmaakt voor elkaar. WE zijn allemaal werk in uitvoering, mensen die opzien naar Jezus, de Leidsman en Voleinder van het geloof (Hebreeën 12:2). Als wij werkzaam willen zijn in het Koninkrijk op een manier waardoor God verheerlijkt wordt, dan moeten wij zo helder mogelijk laten zien dat wij als gelovigen aan dezelfde kant staan en dat we ons inzetten om te bouwen aan Gods Koninkrijk en om de blijde boodschap van Jezus de delen met de mensen in deze wereld.

Dus, mijn vriendin, mocht in jouw leven nog nooit iemand dat aan jou duidelijk hebben gemaakt, laat mij dan degene zijn die zegt: “Ik sta naast je, ik bid voor je, en ik juich je toe en moedig je aan! In Jezus naam!”


In liefde,

Andrea


Neem de tijd om jouw relaties binnen het Lichaam van Christus te evalueren. Is er iemand op wie je af moet stappen, om duidelijk te maken dat je aan zijn of haar kant staat en dat je met hen wil werken en niet tegen hen? Met eenheid als je doel, zoek vergeving en geef bemoediging waar het nodig is. 

Leesplan:



Weekvers:



Week 4 maandag





Wat een herinnering aan hoe belangrijk het is om voor vreugde te kiezen! Wat er ook aan de hand is in ons leven, we hebben altijd een reden tot blijdschap vanwege onze relatie met Christus. Hij is nabij: nabij de geborenen van hart, nabij de eenzame vrouw, nabij hen die zich afgewezen voelen. Vanwege deze waarheid verblijden wij ons, wetende dat God alles in Zijn hand heeft en we onze rust in Hem kunnen vinden. 

vrijdag 17 november 2017

Je Bent Een Burger Van De Hemel




Ik groeide op in Miami waar meer dan de helft van de bevolking met hun hart in twee landen leven. Want weet je, in de vroege jaren 60 stapte mijn moeder op een vliegtuig met alleen twee setjes kleren in haar koffer, en verliet het enige thuis wat ze ooit had gekend op zoek naar vrijheid.

Mijn moeder ronde haar middelbare school af in de Verenigde Staten, deed daarna een HBO-opleiding, had een eigen huis, betaalde belasting en stemde bij elke verkiezing. Ze spreekt vloeiend Engels met een zwaar accent, en kwam jaren geleden al door de inburgeringscursus. Ze houdt van winkelen in Walmart, en we eten kalkoen en zoete aardappeltjes op Thanksgiving.

We zijn Amerikaans.

Maar als je bij mijn moeder gaat eten, krijg je een kleine vingerhoed heel sterke koffie na de maaltijd. Elke december vieren we kerstfeest op de 24e - dat is "Noche Buena" - met geroosterd varkensvlees met pittige saus, zwarte bonen, witte rijst en yucca.

Ik ben Cubaans.

Acht jaar geleden trouwde ik een aardige Amerikaanse man, en mijn achternaam is nu Dunbar in plaats van Lopez. Als je naar mijn foto kijkt heb je waarschijnlijk geen vermoeden van mijn ware afkomst. Maar ik moet je bekennen dat ik droom in twee talen.

Mijn ouders zijn ongelofelijk dankbaar dat ze in Amerika wonen, maar ze zullen altijd leven met een rusteloos verlangen naar huis. En ze dragen tot op vandaag veel gewoontes vanuit hun thuisland mee in  'den vreemde'. Cubanen zijn bijvoorbeeld zoeners. Als we elkaar ooit persoonlijk ontmoeten zal ik je alvast waarschuwen dat ik de drang om je als welkom op de wang te zoenen niet kan weerstaan. Ik heb deze belangrijke gewoonte als kind geleerd en werd verwacht "besitos" te geven als welkom voor elke gast in ons huis. Mijn Amerikaanse vrienden geven een simpele handdruk, maar Cubanen omhelzen elkaar.

Jij, mijn vriend, hebt ook een dubbele nationaliteit. Je voeten mogen hier gewoon op aarde staan, maar je thuis is in de hemel. 

In zijn brief aan de gemeente in Filippi daagt Paulus de volgelingen van Christus uit hun dubbele burgerschap te bevestigen. Tijdens ons vreemdelingschap op aarde moeten we beamen dat ons hart in de hemel thuishoort. In onze gesprekken zou Christus duidelijk herkenbaar horen te zijn. En terwijl we misschien enkele wereldse gewoonten aannemen, zou ons licht juist meer helder voor Jezus moeten schijnen, ook als deze gebroken wereld donkerder wordt.


Mijn ouders keren misschien nooit meer terug naar hun thuisland, maar ik kan je verzekeren dat ieder die zijn geloof op Christus vestigt tot vergeving van zonden, Hem zal zien in de hemel van aangezicht tot aangezicht, op een glorieuze dag die spoedig zal aanbreken. Paulus zegt dat we reikhalzend uitzien naar Christus' naderende terugkomst. Het beeld wat de originele Griekse tekst oproept is dat we daarbij op onze tenen in afwachting ons uitstrekken.

Onze Verlosser komt terug en zal tot in detail alles recht rechtzetten. Het kan zelfs vandaag zijn. Zou dat niet geweldig zijn?

In een flits van glorie komt Jezus naar de aarde om Zijn kinderen mee te nemen naar huis. We zullen alle zorgen en pijn achterlaten. We nemen afscheid van beperkingen en ziekten. Onze zondige lichamen zullen compleet veranderd worden in perfecte trofeeën van zijn genade. 

Verlang jij naar Huis mijn vriend? Rust in de belofte dat de Koning der koningen spoedig komt. Tot die tijd kunnen wij onze liefde voor Jezus delen en anderen uitnodigen in Zijn omarming te komen. Iemand  in jouw invloedssfeer, heeft het nodig jouw beklemtoning van het hemelse vandaag extra te horen.

Laten we bij het ingaan van de feestdagen Jezus extra delen met onze zoekende vrienden die wanhopig  een Redder nodig hebben.

Houd het geloof vast,


Lyli

Week 3 vrijdag




Soms moeten we eraan herinnerd worden dat deze wereld niet ons thuis is. Als moeiten komen, als het noodlot toeslaat en we het hartzeer voelen van deze gebroken wereld vol zonde, moeten we ons eraan herinneren dat deze wereld niet ons thuis is. Als we ons niet op onze plek voelen dan klopt dat ook. We hebben de hoop van de hemel in ons hart; we weten dat er een betere toekomst komt. Nu zijn we nog aan het wachten, maar dat zal niet eeuwig duren. Het beste komt nog.

donderdag 16 november 2017

Week 3 donderdag





Als christenen moeten we altijd bewust zijn en bezig zijn met het groeien in ons geloof. Niemand van ons "is er al" tot de dag dat we Jezus van aangezicht tot aangezicht mogen zien. In de tijd die we nog hebben worden we opgeroepen om actief datgene toe te passen wat we weten over God in ons leven en Zijn waarheid uit te leven. We worden opgeroepen om in Christus te groeien en in Hem te blijven. Door dat te doen, werkt Hij dag in dag uit in ons leven om ons meer op Hem te laten lijken. We moeten niet vergeten dat God geduldig is in ons groeien in ons geloof; zo moeten we ook geduld hebben met onszelf en met anderen die ook groeien in hun geloof.

woensdag 15 november 2017

Onze Wedstrijdstrategie



Vergetend wat achter is, mij uitstrekkend naar wat voor is, jaag ik naar het doel: de prijs van de roeping van God, die van boven is, in Christus Jezus. – Filippenzen 3:14 

Kun je je voorstellen hoe schuldig Paulus zich moet hebben gevoeld toen hij begreep hoe groot zijn schuld was? Hij hield de jassen vast van de mensen die Stefanus doodden stenen vasthielden – en Paulus stond erbij en keek ernaar. Hij wilde die jassen maar al te graag vasthouden. Hij keurde hun vreselijke misdaad goed. Nee, hij keurde het niet alleen maar goed. Hij dacht dat ze het goede deden; hun aandeel leverden om het verspreiden van het christendom tegen te gaan.  

Maar na de ontmoeting met Jezus op die eenzame stoffige weg keert Paulus zijn leven 180 graden om (Handelingen 9). Hij was nu vóór degenen waar hij eerst tegen was. Degenen die eens zijn vijanden waren, waren na zijn ontmoeting met Jezus zijn familie.  

Ik vraag me af of hij ooit geworsteld heeft met de herinnering aan die dag. Zouden bepaalde geuren of het geluid van de wind die door de blaadjes ruist de herinnering aan de dag dat Stefanus gestenigd werd triggeren? 

En ik vraag me af of het juist die herinneringen waren die zijn scherpe focus op wat werkelijk belangrijk is in het leven aanvuurden: het lopen van een goede wedloop en sterk finishen.  

Ik weet zeker dat Paulus veel herinneringen had die hij liever achter zich zou laten. Hij wist wat het betekende om bewust te kiezen om te vergeten wat achter hem lag en zich uit te strekken naar wat in het verschiet lag. Hij had Gods vergeving en genade ontvangen, maar hij moest die vergeving en genade ook aan zichzelf verlenen. Hij moest het omarmen, het geloven en het niet langer macht over zijn leven laten hebben. Hij moest kiezen om te vergeten en de spijt, de pijn en de schuld in het verleden achter te laten. Anders zou hij niet door kunnen gaan.  

Wij moeten dat ook doen, net als Paulus.  

We strekken ons uit om voorwaarts te gaan. Maar als we Gods vergeving zoeken moeten we het omarmen, het geloven en toestaan dat het in ons verleden blijft. Ik weet dat het verleidelijk is, maar neem het niet mee je toekomst in. 

Vergetend wat achter is, mij uitstrekkend naar wat voor is…” 

We moeten ons uitstrekken naar wat voor ons is; vooruitgaan in loslaten; vooruitgaan in het omarmen van vergeving die we alleen in Jezus vinden, en vooruitgaan in het nieuwe leven met Christus.  

Paulus verloor zijn religie en zijn reputatie op die stoffige weg – alles waar hij eens van hield – maar hij kreeg veel meer terug dan hij verloor.  

Hij kreeg Christus ervoor terug.  

En net als bij Paulus ontmoet Jezus ook ons op onze ‘stoffige’ levensweg. Hij onderbreekt ons reisplan met een nieuw leven dat gevuld is met vergeving, doelgerichtheid en onverklaarbare vreugde. Als we met Jezus op reis gaan, is er een roeping – niet één van religieuze perfectie – maar eerder één van een leven vol genade.   

Niet dat ik het al verkregen heb of al volmaakt ben…” – Filippenzen 3:12 

Vriendin, laat die rugzak van je verleden die zo zwaar voor je is achter je. Laat de verwachtingen die je jezelf oplegt los. Geen van ons zal ‘geslaagd zijn’ tot op de dag dat we Jezus zullen zien. Tot die tijd rennen we, strekken we ons uit en gaan we op reis naar de hemel.  

We lopen onze beste race en moedigen anderen aan om hun beste race te lopen. We weten dat het leven geen sprint is, maar een marathon. We houden ons doel voor ogen als we kijken naar wat voor ons in het verschiet ligt. We weten dat sommige stukken van de race zwaarder zijn dan andere; op sommige momenten gaan we wat langzamer en op andere momenten gaan we juist als een speer… en dat mag. Het is niet het tempo waarin we onze race lopen, maar het feit dat we mee blijven doen en doorgaan op de moeilijke dagen om die prijs te winnen.  

Dus hier is onze strategie:  

  1. Vergeet wat achter je ligt.. 

  1. Sterk je uit naar wat nog komt.  

  1. Blijf dicht bij Jezus 

Zo gaat het goed, meid! We moedigen je aan als je jouw wedloop loopt voor Gods glorie!  

Heb God Groots Lief!